Overweging 14 juli 2019 Gerwen/Nederwetten

Overweging 14 juli 2019 Gerwen/Nederwetten

Het thema van vandaag is: Het Woord volbrengen.

Het evangelie van deze zondag is het verhaal van de barmhartige Samaritaan. In mijn kindertijd was dat een verhaal dat indruk maakte en bleef hangen. Het verhaal van Sint Martinus die vanaf zijn paard, met een zwaard zijn mantel in tweeën sneed om de helft ervan aan een bedelaar te geven, was ook zo’n verhaal dat indruk maakte op mij en wellicht ook op u.
De eerste  betekenis van het verhaal van de Barmhartige Samaritaan was dat er voor ons een voorbeeld van naastenliefde getoond werd en dat dit soort van barmhartigheid eigenlijk kenmerkend moet zijn voor wie zich christen voelt.
Een tweede betekenis slaat op het verschil tussen de Samaritaan van de ene kant en de priester en de Liviet van de andere kant. Priester en leviet hebben een speciale, hogere status in de Joodse gemeenschap van toen en van hen zou men precies mogen verwachten dat zij zich extra sociaal en menslievend zouden gedragen. Maar het tegendeel is waar. De Samaritaan, die was voor de Joden niet van het eigen volk maar een niet te vertrouwen vreemdeling en een minderwaardig iemand. Maar juist hij toont zich de naaste. En dat was toch geen gemakkelijke keuze lijkt het zo op het eerste gezicht. Want welke garantie had de Samaritaan dat het goed af zou lopen? Misschien ging de overvallen man hem wel besmetten, of zou de waard hem bedriegen en de man niet goed verzorgen. Of misschien had de man de vechtpartij zelf uitgelokt, of was hij lid van een rivaliserende bende, was het zijn eigen schuld. En wat was de zin van een enkel iemand te helpen wanneer er misschien elke dag mensen overvallen werden, was dat dan niet een druppel op een gloeiende plaat? Misschien had de Samaritaan daar allemaal wel aan gedacht maar besloot hij: “allemaal goed en wel, maar ik kan die man toch zo niet laten liggen”.

Met zijn verhaal wil Lucas laten zien dat voor Jezus, leven volgens de geest van God niet voorbehouden is aan een volk of ras, of afhangt van een godsdienstige status of kennis van de Wet. In verklaringen bij deze tekst wordt er ook op gewezen dat priester en leviet zich ver hielden van het slachtoffer omdat die er voor dood bij lag en de reinheidsvoorschriften van de wet contact met een dood lichaam verboden. De wet was voor hen dan blijkbaar belangrijker dan de mens.
De parabel wijst echter in een totaal andere richting en ook dat behoort tot de boodschap van deze parabel.
De wetgeleerde die Jezus op de proef wilde stellen vroeg aan Jezus: “Wie is mijn naaste”, maar Jezus geeft op die vraag geen antwoord maar stelde zelf een vraag, maar wel als het ware een omgekeerde. Niet “wie is mijn naaste, voor wie moet ik zorgen” maar wel: “wie gedroeg zich als naaste” en “waaruit bleek dat”.
Jezus wil geen definitie geven van wie je naasten zijn. Dat had de rechtsgeleerde wellicht verwacht en daarover zou men dan eens goed kunnen discussiëren  en zien wie het best de Schrift of de Wet kende. In de plaats daarvan suggereert het verhaal dat een relatie van naaste in concrete omstandigheden ontstaat, men wordt naaste in de directe confrontatie met de medemens in nood. Het gaat om een antwoord in een situatie waar je mee te maken krijgt en waar je een keuze moet maken: in een boog om deze man verder gaan of hem aanraken en aangeraakt worden.
En wie zijn dat dan voor ons onze naaste: Misschien vindt u dat een vreemde vraag. Maar de vraag is op zich wel aardig. Er komt iemand uit Marokko of uit Turkije, uit Iran of Irak naast je wonen andere gewoonten, andere luchtjes bij de maaltijden, andere tijden in de avond, andere muziek. Net zoiets als die man uit Samaria.
’s Morgens wil je wegrijden, zie je ineens die buurman bij zijn  auto staan. Hij heeft jou nog niet gezien, blijkbaar wil zijn auto niet starten. Jij wil op tijd weg, de files voor zijn, anders ben je een half uur extra kwijt. U voelt de vraag al. Wat doe je? Je hebt startkabels in de auto liggen. Nou, hij redt zich wel, daar heb je tenslotte de ANWB voor. Of pak je de startkabels die je achterin hebt liggen en kijkt of je hem kunt helpen.
Of:
Een buurvrouw wordt oud, ze wil graag in haar huisje blijven wonen. Jij vond haar altijd maar zo ontevreden, niet iemand waar je voor je plezier naar toe gaat. Doe je het wel of doe je het niet, even een bezoekje, een vraag of ze nog boodschappen nodig heeft. Niet aan beginnen zegt een vriendin, straks krijg je stank voor dank, als ze een keer wat kwijt is heb jij het gedaan. Daar is toch de thuiszorg voor. Of vraag je of je nog ergens mee kunt helpen, of breng je even een kopje soep omdat je toch wat over had?
Zo zijn er talloze voorbeelden te geven en die liggen altijd heel dicht bij huis en niet aan de andere kant van de wereld. Gelukkig zijn er heel veel barmhartige Samaritanen in onze samenleving, heel veel goede naasten, die hun hart laten spreken als er op welk terrein ook een beroep op hen gedaan wordt. Maar je hebt, jammer genoeg, ook nog altijd mensen die wel in een boog om medemensen heenlopen, die goed redenen menen te hebben om niet in actie te komen. Laten wij ons bewust worden oog te hebben voor onze naasten en steeds de boodschap die Jezus ons geeft in gedachten houden. En hopen dat wij dan in staat zullen zijn Het Woord, Zijn Woord te volbrengen.

Amen

 

© 2021 Parochie Heilig Kruis