Overweging 2 februari 2020 Gerwen/Nederwetten

Overweging 2 februari 2020 Gerwen/Nederwetten

Het thema van vandaag is: Gaan in vrede

Je zou het eigenlijk niet zeggen maar het feest van Maria Lichtmis dat we vandaag vieren is 40 dagen na Kerstmis eigenlijk het slotfeest van de kersttijd. Wij ruimen na het feest van 3-koningen de kerstspullen op maar in Duitsland bijvoorbeeld doen ze dat op na het feest van Maria lichtmis. Vandaag dus.

“Dit zegt de Heer: Ik zend mijn gezant voor Mij uit om voor Mij de weg te banen. En aanstonds treedt dan de Heer zijn heiligdom binnen, de Heer die gij zoekt, de engel van het verbond, naar wie gij verlangend uitziet. Let wel, Hij komt, zegt de Heer van de legerscharen.”

U heeft het herkend, ik las het begin van de eerste lezing. We zijn in de vijfde eeuw voor Christus, de Israëlieten zijn teruggekeerd uit de ballingschap, maar leven onder de heerschappij van de Perzen. De tempel is heropgebouwd, en nu wachten ze op de komst van de Heer. En omdat Hij maar niet komt, zijn ze teleurgesteld, hun geloof vervaagt en het priesterschap verdampt. Dus doet de profeet Maleachi zijn best om hen te sterken, moed te geven, tot het ware geloof terug te brengen. Wees er maar zeker van dat de Heer komt, zegt hij. Alleen hij zegt er niet bij wanneer, en dat kan hij natuurlijk ook niet. Wat hij wel kan, is zeggen dat ze niet mogen opgeven, dat ze moeten blijven wachten op de komst van de Heer.

In het evangelieverhaal komen we Simeon tegen, maar als we het verhaal helemaal lezen zien we ook nog een Hanna ten tonele verschijnen, Simeon en Hanna, twee eenvoudige mensen.
Wachten op de komst van de Heer, dat is precies want Simeon en Hanna ook hebben gedaan. Wachten, hun hele leven lang. Maar hun wachten was geen ongedurig, hebberig wachten zoals dat van de Israëlieten ten tijde van Maleachi. Een wachten als op een trein die weer eens te laat is. Of aan de kassa van de supermarkt, of op onze beurt bij de dokter. Een wachten dat maar blijft duren. We kennen het allemaal, dat ongedurig, dwingend wachten op iets dat móét komen. Wachten houdt een onzekerheid in. Maar zo was het wachten van Simeon en Hanna niet. Hun wachten was eerder verwachten in plaats van wachten. Tussen wachten en verwachten ligt een groot verschil. Een verschil dat meer betekent dan alleen maar drie letters. Bij verwachten is de toekomst voor ons niet onzeker. Want aan verwachten is een beloven verbonden. Dan is er een ander in het spel, die beloofd heeft het een en ander te zullen doen. Nog meer nadruk krijgt die zekerheid, wanneer degene die ons doet verwachten ook in staat is zijn belofte na te komen. Weer terug naar Simeon en Hanna. Hun hele leven hadden ze uitgezien naar het moment dat ze konden zeggen: “Uw dienaar, Heer, laat Gij nu in vrede gaan, want mijn ogen hebben het licht gezien dat gij voor de mens wilt zijn” Het klinkt heel mooi en dankbaar, maar hoeveel geduld schuilt er achter? En tegen welke twijfel hebben ze moeten vechten? Hoe dikwijls is hun geloof op de proef gesteld, hoe dikwijls haalde de moedeloosheid het van de hoop? Maar ze gaven niet op, ze bleven wachten. Nee, ze bleven verwachten en nu wordt hun verwachting ingelost.

Misschien moeten we dat ook leren: ons wachten omvormen tot verwachten, met geduld, met geloof en hoop. Ik weet het, verwachten is niet van deze tijd. Mensen willen iets, en dat iets moet onmiddellijk ingevuld worden. Nu! Niet morgen, maar nu! En als dat niet kan, voelen we ons gefrustreerd, tekortgedaan, benadeeld, noem maar op. En dat is jammer, want door onze haast geven we het geluk van het verlangen op.

Uit de eerste lezing onthouden we dat het wachten van de Joden geen verwachten geworden is. Het was en bleef een ongedurig, hebberig wachten. Het gevolg was dat ze, toen de Heer in de persoon van Jezus onder hen kwam, ze Hem niet erkenden noch herkenden. Integendeel, ze verwierpen en vermoordden hem. Laten wij zo niet zijn, maar laten we zijn als Simeon en Hanna in het evangelie. Zij erkenden en herkenden wél het licht van de Heer. Mag dit ook voor ons zo zijn: dat we het licht van de Heer erkennen en herkennen, en dat het over de wereld en over ons komt. Over de wereld, die vruchteloos op zoek is naar de vrede en de eenheid die nodig zijn om de immense problemen van armoede, ongelijkheid, uitbuiting, milieu en terrorisme aan te pakken. Over ons, die op zoek zijn naar geloof en bevestiging, naar moed en volharding. Misschien kunnen we ondertussen zelf al proberen licht te zijn voor onszelf, onze kinderen, onze omgeving, onze wereld. Licht van God in deze donkere tijd. Jezus zegt: “Steek uw lamp niet onder de korenmaat, maar zet ze op een standaard, zodat ze licht geeft voor ieder die in huis is”. Wel, laten we dat proberen: licht zijn van geloof, van hoop, van liefde, van vrede, Amen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

© 2021 Parochie Heilig Kruis