Overweging 2019-01-5/6 Nuenen Jos Deckers

Overweging 2019-01-5/6 Nuenen Jos Deckers

Overweging Openbaring van de Heer – Driekoningen   Nuenen 5 en 6 januari 2019

 inleiding
Vandaag horen we over ‘op weg gaan’, over: in beweging komen; gezonden worden.
Het gaat om het aandurven om je leven, het alledaagse, te laten onderbreken en je te laten verrassen.
Voor de meesten van ons is het niet gemakkelijk het oude, vertrouwde los te laten en ons toe te wenden naar wat nog kómen gaat.
Toch wordt juist dat ons vandaag gevraagd: op weg gaan, zoals de wijzen een ster volgen.
We kunnen erop vertrouwen dat God, de Ene, een betrouwbare wegwijzer is.

overweging
Vandaag horen we een overbekend verhaal, heel vertrouwd en toch ook heel vreemd.
Vertrouwd, want bij elke kerststal duiken ze op: de drie koningen.
In de volksverhalen kregen ze namen: Balthasar, Melchior en Caspar en ze kregen  verschillende leeftijden: jong, volwassen en oud. En ze werden voorgesteld als mensen van drie rassen, die corresponderen met de drie toen bekende werelddelen: Europa, Azië en Afrika. Daarom is een van de koningen zwart en heeft een andere een Aziatisch uiterlijk.
De betekenis is dan duidelijk: mensen van alle leeftijden en alle volkeren komen af op het licht van de Messias.

Maar toch is het ook een vreemd verhaal: drie wijzen met wie waarschijnlijk sterrenkundigen uit Babel, het huidige Irak, bedoeld zijn. Ze gaan op weg omdat ze een ster gezien hebben, – waarschijnlijk een bijzondere samenstand van enkele planeten. In de wetenschap van die tijd duidde men dat als het aankondigen van de geboorte van een bijzonder koningskind. Die deskundigen, de magiërs gaan op weg en volgens hen zal de ster hen leiden naar de pasgeboren koning van de Joden. Hem willen zij hulde gaan brengen.
Het blijft een vreemd verhaal.

Waarschijnlijk is het beter om te zeggen: het verhaal van de wijzen uit het Oosten, de drie koningen, is een contrastverhaal. Het gaat over tegenstellingen.
Mattheus werkt de tegenstelling uit tussen de wijzen, de magiërs uit het buitenland en het bestuur en de godsdienstige leiders in eigen land.
Er is een scherp contrast tussen enerzijds de wijzen en anderzijds koning Herodes met zijn hofhouding en de leiding van priesters en Schriftgeleerden in Jeruzalem.

De heidense wijzen hebben aan een enkel teken al genoeg; zij komen in beweging.
Alleen de ster is voor hen voldoende.
Zij gaan op zoek naar de nieuwe koning en als zij Hem gevonden hebben, is dat voor hen een reden tot grote vreugde.
Deze buitenlanders komen tot verstaan van dit teken, deze vertegenwoordigers van de vele volkeren: zij zien in dit Kind de Messias als licht voor de volkeren.
De hooggeplaatste joden van Jeruzalem kennen wel het antwoord uit de Schriften,
maar zij stellen liever niet te veel vragen. Zij willen niet in beweging komen, zij zitten vast aan hun eigen positie. Hun kennis leidt tot een oppervlakkig weten; zij komen niet in beweging.

Mattheus, zelf een jood en misschien ook een Schriftgeleerde, was erg getroffen door het dramatische feit dat velen van zijn volksgenoten Jezus niet erkenden als de Messias. Het volk van de belofte zag in Jezus niet de beloofde Mensenzoon.
Velen van de zogenaamde heidenen kwamen wel tot geloof, zo was de ervaring van de jonge kerk. Zij zagen in Jezus het Licht voor de volkeren, zoals de profeet omschreef.
Met zijn verhaal over de wijzen uit het oosten wil Mattheus aan het begin van zijn evangelie al een toespeling maken op dit gegeven, waar de jonge kerk mee geworsteld heeft.
Hoe kan het dat zovele mensen uit andere volken wel tot geloof komen en de zovele joden Jezus niet als Messias konden erkennen?
Op die manier wordt duidelijk waarom Mattheus dit verhaal opgenomen heeft in zijn evangelie, als een antwoord op die vraag, voor de gemeente waarvoor hij zijn blijde boodschap geschreven heeft, een parochie met veel joodse christenen.

Maar wat heeft dat verhaal nu voor ons te betekenen?
Ik denk dat we er twee kanten mee op kunnen gaan. Eerst een maatschappelijke kant.
Dan stelt dit vreemde verhaal ons de vraag: wie zijn het nu – die niet op kamelen maar door mensensmokkelaars – bepakt en gezakt van alle kanten op ons en onze welvaart afkomen?
Wie zijn het die op gammele bootjes de Middellandse Zee oversteken en hier ons leven willen delen? Of zich snel aanmelden als asielzoeker maar eigenlijk werk zoeken en geld willen verdienen voor hun thuisfront?

In de afgelopen jaren is het normaal geworden om te vragen ‘Wat hebben die allochtonen  hier te zoeken?’ En er leeft breed de tendens om Europa op slot te willen doen, alsof we onze welvaart alleen voor onszelf willen houden en niet kunnen delen.
Vanuit ons geloven moeten we zulke maatschappelijke tendensen wel kritisch volgen.
Niet dat we precies weten hoe het wel moet – dat is een zaak van de politiek – maar vanuit onze kerkelijke traditie en bijbelse waarden en normen mogen we wel kritisch staan tegenover allerlei meningen die medemensen het bestaan niet gunnen en welvaart en welzijn alleen willen beperken tot het rijke westen.

We kunnen het verhaal van Driekoningen ook kerkelijk concreet maken. Er is dan nog een interessante vraag te stellen: hoe zit het dan met onze eigen heidenen in ons eigen midden?
Met mensen van onze eigen generatie, maar ook met onze kinderen en kleinkinderen die van alles geloven maar niet wat gebruikelijk is; mensen die van alles vieren maar niet volgens de geijkte kerkelijke rituelen?
Mogen zij meedoen en mee denken en mee praten in onze kerken? Moeten ze eerst alle regels en belijdenissen weer met woord en daad onderschrijven? Of gaan we naar hen op zoek en nodigen we hen actief uit?

De evangelist Mattheus van wie we Jezus’ geboorteverhaal vandaag horen, benadrukt dat Jezus het licht is voor alle volkeren.
Dat had de profeet Jesaja al aangekondigd – we hoorden het in de eerste lezing – sta op en schitter want uw licht is gekomen…. Over u gaat de Heer lichtend op…. Volken komen naar uw licht, koningen naar de glans van uw dageraad.
De langverwachte Messias brengt dus niet een hele reeks nieuwe geboden en verboden, geen nieuwe instelling of organisatie. Hij brengt licht. Dat is de samenvatting van heel zijn boodschap: licht en bevrijding voor allen.

De openheid voor dat licht bracht de wijzen naar het Kind van Bethlehem.
Als zij Hem gezien hebben, keren ze langs een andere weg naar huis terug.
Het aanschouwen van de Mensenzoon, Hem zien en door Hem geraakt worden, verandert mensen. Ook hun is een licht opgegaan. Zulke mensen gaan als vanzelf nieuwe wegen; hun leven gaat voortaan langs een andere weg.

Mogen wij ook zulke mensen worden, die het voorbeeld van deze vreemdelingen volgen,
die zich laten raken door het licht dat dit Kind uitstraalt, door zijn grenzeloze liefde en inzet voor solidariteit, dichtbij en veraf. Mogen wij zo zijn Licht laten stralen in onze wereld.
Moge dat zo zijn!

Jos Deckers, pastoraal werker em.

© 2021 Parochie Heilig Kruis