Overweging 2020 12 juli Nuenen 13 juli Nederwetten (Jos Deckers)

Overweging 2020 12 juli Nuenen 13 juli Nederwetten (Jos Deckers)

Overweging 15e zondag door het jaar A                           12 juli 2020
Nuenen, Nederwetten en Schijndel

inleiding
Vandaag staat een gelijkenis, een voorbeeldverhaal van Jezus centraal.
De gelijkenissen of parabels van Jezus zijn vaak ontleend  aan het dagelijks leven. Jezus vertelt het verhaal van een zaaier die het zaad kwistig uitstrooit.
Het zaad komt op verschillende plekken terecht. Op het pad, op rotsgrond, tussen distels en op goede grond. Alleen het zaad dat in goede aarde valt, brengt echt vrucht voort.
Parabels zijn doordenkertjes; ze zetten aan tot nadenken. Hoe zit het bij ons? Hoe open en ontvankelijk zijn wij voor het woord van God? Maken wij de goede keuzes als we Jezus’ woorden willen navolgen?

overweging
Soms heb je het als predikant best makkelijk; zeker als Jezus zelf de uitleg geeft van zijn parabel. En dat doet Jezus vandaag voor zijn leerlingen: in het openbaar vertelt Hij een parabel, een gelijkenis over de zaaier en het zaad. Als Hij met zijn leerlingen thuis gekomen is, geeft jezus de uitleg ervan. We hoorden het in het evangelie van deze zondag.

De boodschap is duidelijk in de parabel van de zaaier en het zaad. Het zaad dat is het woord van God dat in ons midden uitgestrooid wordt en dat hier klonk en klinkt, elke viering opnieuw.
Maar Jezus gebruikt het zaad in nog een betekenis – althans in de versie van het Mattheusevangelie. Jezus noemt ook de mens die het woord hoort en daar wel of geen of een gedeeltelijk antwoord op geeft ook het zaad. Het gaat blijkbaar over Jezus’ woord aan zijn leerlingen en tegelijk over de vraag hoe zij – en wij – daarop reageren. Waarmee zijn zij – waarmee ben ik te vergelijken?

We hebben een bijzondere tijd achter de rug en we leven nog steeds in een bijzondere tijd, een tijd van verdriet en verwarring.

(Nuenen en Nederwetten)
In het oosten van Brabant werden veel mensen getroffen door het coronavirus; zeker in de verpleeghuizen zijn velen overleden. Bovendien was lange tijd bezoek daar niet mogelijk zodat naaste familie en goede vrienden mensen veel minder nabij konden zijn, zelfs niet in hun laatste levensfase. Dat moet veel mensen pijn hebben gedaan en nog doen. Je hebt de neiging de moed op te geven en alles maar te laten gebeuren zoals het zich aan je voordoet.

(Schijndel)
Zeker hier in de gemeenschap van de zusters van Liefde van Schijndel. Onevenredig veel van uw medezusters zijn bezweken aan de gevolgen van het coronavirus.
En: we konden niet op de gebruikelijke manier afscheid van hen nemen. Dat zal velen van u pijn hebben gedaan; het laat ook een onbevredigd gevoel achter, ook al waren de gebedsvieringen voor elke overleden zuster op het kerkhof heel mooi en zinvol. En kon ieder op hetzelfde tijdstip meebidden en in gedachten zo aanwezig zijn. Daarnaast is een indrukwekkende videoreportage van al die afscheidsvieringen gemaakt die ook gedeeld is met de families; zij stelden dat gebaar zeer op prijs. Maar toch: het gemis blijft. Medezusters en huisgenoten zijn weggevallen.

Jezus’ woorden zijn een oproep tot volhouden, juist als het moeilijk is geworden. Dan nodigt Hij ons uit toch goede keuzes te maken. Niet bij de pakken gaan neerzitten maar zijn als vruchtbare grond waar het zaad – Gods woord –  in kan vallen, goed kan wortelen en uit kan groeien tot een geweldige plant of boom. Die brengt dan veel vrucht voort: dertig- zestig- of honderdvoud; een overvloed aan goede werken.

Een wat lastige passage in het evangelie van deze zondag is het citaat uit de profeet Jesaja: want het hart van het volk is verhard; met hun oren luisteren ze slecht en hun ogen houden ze dicht, opdat zij met hun ogen niet zien en met hun oren niet horen.
Dan voegt Jezus daar aan toe: gelukkig zijn jullie omdat jullie ogen wel zien en jullie oren wel horen.
Dat is precies wat de toehoorders van het Mattheusevangelie al hebben meegemaakt. We hoorden dat ook afgelopen zondag. De eerste christenen kwamen uit allerlei joodse, Griekse en Romeinse families. Enkelen werden christen; maar velen bleven hun oorspronkelijke godsdienst trouw. Dat leidde tot spanningen binnen families en tussen vrienden; soms zelfs tot spanningen binnen één gezin. Sommige mensen aanvaardden wel Jezus’ uitleg van Gods woord zoals hen gebracht door de leerlingen; zijn werden de eerste christenen. Anderen wezen dat woord radicaal af. Dat zijn de mensen wier hart verhard is. Zij hebben Gods woord wel gehoord maar kunnen niet geloven dat in Jezus de vervulling van Gods rijk begonnen is. Daarmee is in Jezus daadwerkelijk een begin gemaakt.

Zo komen twee lijnen in deze parabel samen: het woord van God dat gezaaid wordt én het antwoord van mensen daarop. Als Mattheus Jezus’ voorbeeldverhaal zo vertelt, dan laat hij in het evangelie de situatie van toen mee klinken. Het gaat over de tijd dat Jezus’ boodschap verteld en uitgedragen is en we horen over de eerste reacties van mensen daarop.

Tegelijk slaat die gelijkenis niet alleen op de situatie van de eerste christenen. Ook wij kunnen die reacties herkennen, in onze omgeving, misschien ook in onszelf. Zijn wij, ben ik, altijd even enthousiast om Gods woord te horen en in praktijk te brengen? Of heb ik soms ook iets van de rotsgrond als ik denk: ‘mooi verhaal maar nu even niet’? Of heb ik iets van die distels als ik heel enthousiast reageer maar snel weer in beslag genomen word door wat nu eenmaal elke dag gebeuren moet? Jezus’ uitleg zet aan tot nadenken en zelfreflectie.

Nog een ander beeld verdient onze aandacht. Jezus’ spreekt in deze redevoering herhaaldelijk over het rijk van God of het rijk der hemelen.
Het koninkrijk van God is die sfeer waar God bij mensen thuis wil zijn; waar mensen tot recht komen, zieken beterschap vinden, uitgestoten mensen weer terug konden keren in de kring. Daar is God aan het werk; daar is Jezus te vinden als koning van dat rijk van gerechtigheid en vrede. Het is een hemel op aarde. Daarom heeft de evangelist Mattheus een voorliefde voor de term koninkrijk der hemelen om dat rijk van God een naam te geven.

De gelijkenis over het zaad gebruikt het zaad als beeld van het woord van God. En ook de uiteenlopende antwoorden van de mens daarop worden aangeduid met zaad in combinatie met de ondergrond waarop het gevallen is.  Die gedachten sluiten ook aan bij de eerste lezing van de profeet Jesaja. Gods woord heeft kracht in en uit zichzelf. Het is niet zomaar uit de hemel neergedaald om geen gevolgen te hebben. Het is steeds een uitnodiging de juiste keuzes te maken en het goede te doen, om Gods rijk van gerechtigheid en vred4e dichterbij te brengen.

Daar past het volgende verhaal uit onze tijd goed bij: In een droom liep ik een winkel binnen. Achter de toonbank stond een engel.
Ik vroeg: ‘Wat verkoopt u hier?’ ‘Alles wat u maar wilt’, zei de engel.
‘O’, zei ik, echt waar? Ik wil dan graag vrede op aarde, geen honger en armoede meer, ik wil gezondheid en onderdak, vrijheid en respect voor iedereen.’
‘Wacht even’, zei de engel, ‘U begreep me verkeerd. Wij verkopen geen vruchten, alleen maar de zaden. Die kunt u zelf zaaien.’

Moge dat voor ons werkelijkheid worden.

Jos Deckers, pastoraal werker em.

© 2021 Parochie Heilig Kruis