Overweging Nuenen 26 mei 2019 Jos Deckers

Overweging Nuenen 26 mei 2019 Jos Deckers

Overweging 6e zondag van Pasen C                                                                    26 mei 2019

inleiding
‘Vrede laat ik u na, mijn vrede geef ik u.’
Zo bidden we vaak in de eucharistieviering, direct na het Onze Vader.
Deze woorden zijn ontleend aan de afscheidsrede van Jezus, waarvan we een deel vandaag in het evangelie gaan horen.
Jezus wil ons, zijn leerlingen, vrede geven, zijn Geest schenken, zoals Hij ook zijn vrienden toen niet zomaar, zonder hulp achterliet.
Die Geest zet ons aan tot handelen, tot opbouw van kerk en samenleving in vrede en gerechtigheid.

 overweging
‘Vrede laat ik u na, mijn vrede geef ik u.’
Zo bidden we vaak, direct na het Onze Vader.
Deze woorden zijn ontleend aan de afscheidsrede van Jezus; we hoorden een deel in het evangelie van vandaag.
In die laatste toespraak geeft Jezus als het ware zijn geestelijk testament af.
Hij beseft maar al te goed dat zijn optreden en zijn prediking grote beroering hebben gebracht bij de leiders van het volk. Hij beseft dat Hij uit de weg geruimd kan worden.
In die situatie, als het erop aankomt, geeft Jezus als het ware zijn belangrijkste boodschap nog eens weer: sjaloom kondigt Hij aan, vrede, van Godswege.

Daarmee bedoelt Jezus geen gemakkelijke vrede die alleen maar stoppen met geweld betekent. Het is vrede van Godswege die alles met gerechtigheid te maken heeft, die de kern bevat van Jezus’ verkondiging van het rijk van God: het gaat om vrede in bijbelse zin, met het Hebreeuwse woord sjaloom. Het gaat om  herstelde verhoudingen.
Vrede is dan niet alleen de afwezigheid van een gewapend conflict of geweld maar vrede betekent welzijn en recht voor allen.
Vrede is verwant aan gerechtigheid en in de bijbel betekent gerechtigheid: zorgen dat mensen tot recht kunnen komen. De voorwaarden scheppen dat zij kunnen uitgroeien tot de man of vrouw zoals zij ten diepste zijn, zoals door God bedoeld. Gerechtigheid heeft als doel het volwaardig mens worden. Gerechtigheid doen is werken aan de voorwaarden om die groei als mens te bereiken.
En het bijbelse begrip gerechtigheid heeft nog een andere kant: het is ook God recht doen. Als we ons inzetten voor de gerechtigheid voor onze medemensen, doen we ook God recht. Hij is immers de Schepper en Vader van alle mensen, Hij wil dat allen kunnen uitgroeien tot de mens zoals Hij bedoeld heeft. Dat is gerechtigheid.
En omdat gerechtigheid dus ook alles te maken heeft met goede verhoudingen tussen mensen onderling is het in de bijbel ook een deel van echte vrede, van herstelde verhoudingen tussen mensen onderling.

Die vrede krijg je niet zo maar; het gaat om de zwakke krachten in onze maatschappij, in het samen leven van mensen: vrede, vriendschap, liefde.
Mooie woorden, maar kwetsbaar, zoals alles van waarde kwetsbaar is.
Die vrede krijg je niet cadeau, je moet ervoor knokken en je ervoor inzetten.
Dat geldt ook als er problemen zijn in je relatie, als de verliefdheid van het begin over is en je echt kiest voor elkaar.
Je verbond, je verbondenheid met de ander vraagt inzet en keuze voor elkaar, je krijgt liefde niet cadeau.
Het vraagt inzet voor de ander, werken aan je relatie, kiezen voor elkaar, in goede en kwade dagen. Stil staan bij elkaars kwetsbaarheid, zelfs bij elkaars eenzaamheid en samen in betrokkenheid op elkaar door het leven gaan.
Die liefde krijg je niet zomaar, al is zij tegelijk ook een geschenk, je moet je ervoor inzetten en eraan werken.
Ook de jonge kerk krijgt de vrede en de verbondenheid niet cadeau. In de eerste lezing van deze zondag horen we daarvan.
Petrus en de zijnen zijn in Jeruzalem gebleven. Zij zijn bekend met de regels en de wetten van het Jodendom. Zij leven daaruit; Gods lering nauwgezet volgen is voor hen van grote waarde.
Ze willen dat ook heidenen die christen willen worden, zich daaraan houden.
Zij willen dat die nieuwe christenen de sabbat onderhouden: een dag per week niet werken.
Dat was ongehoord in de 24-uurs economie van het Romeinse rijk.
En ze moesten besneden worden, vonden zulke christenen uit het jodendom.
Maar voor de heidenen een onbekend gebruik. En ook gevaarlijk als je als volwassene – in die tijd – besneden moest worden.
Paulus trekt fel van leer: dat is niet nodig; dat is een te zware last voor de nieuwe christenen uit de volkeren. Hij wint het pleit. Petrus, Jakobus en Paulus en alle anderen worden het eens.
Daaruit blijkt dat je in de kerk soms moet knokken om te kunnen leven in vrede. Maar: nooit elkaar verlaten of in de steek laten, steeds in gesprek blijven, samen in gesprek met elkaar blijven en dan tot een keuze komen.
Het werd toen een gezamenlijke keuze, unaniem. De H. Geest is dan in het spel, zo zeggen die eerste leerlingen vandaag tegen ons.

Is dat tegelijk geen voorbeeld voor ons als christenen. We werken als plaatselijke geloofsgemeenschappen samen in één parochie Heilig Kruis en we hebben in Nuenen een goede samenwerking met de PGN opgebouwd. We worden geroepen elkaar niet los te laten, maar in vrede en verbondenheid bijeen te blijven en elkaar van dienst te zijn.
Die verbondenheid krijg je niet cadeau. Het vraagt inzet en betrokkenheid.

Dat alles stelt vragen bij polarisatie die in de jaren ’80 en ’90 onze kerk kenmerkten en waarvan we soms nog resten zien. Die polarisatie is gelukkig voorbij. Maar we moeten wel fundamentele vragen stellen aan elkaar: geven wij in onze kerk elkaar voldoende ruimte om wezenlijke vragen te stellen? Kunnen we met elkaar bespreken hier ieder gelovige in het leven staat? Durven wij met elkaar te delen waar het in ons christen zijn om gaat?

Maar zulke vragen kunnen we ook stellen aan de samenleving: hoe gaan we daar met elkaar om, bijvoorbeeld ook in de politiek. De actie Doe ’s lief komt natuurlijk niet zo maar uit de lucht vallen. En in de verkiezingsdebatten zagen we hoe sommigen liever op de man speelden dan inhoudelijk een goed debat voerden.
Ook daar kunnen we vraag stellen: Hoe laten wij ons als christen in déze wereld uitdagen door Jezus’ oproep tot sjaloom?

Gods woord, Gods liefde werkt alleen als wij er ook handen en voeten aan geven.
God heeft immers geen andere handen dan die van ons om zo goed als God te zijn.
Als ons vandaag liefde beloofd wordt en vrede aangezegd dat is het een opdracht voor ons: om aan die vrede, die sjaloom te werken zodat ieder tot zijn of haar recht kan komen.
Dan is het ook een opdracht om te leven uit de Geest en samen kerk te bouwen juist in onze tijd en in onze cultuur waar net als in de eerste eeuw er velen zijn die niet geloven of sterk twijfelen. Een uitdaging voor ons om Gods woord in ons leven concreet te maken zodat we ook God recht doen en zijn liefde gestalte geven door onze handen.

Moge dat zo zijn!

Jos Deckers, pastoraal werker em.

© 2021 Parochie Heilig Kruis